7 min15 september 2026

Zzp-regels in de installatietechniek: dit geldt in 2026

Wie in 2026 als zelfstandige loodgieter, elektromonteur, HVAC- of koelmonteur werkt, krijgt met meer te maken dan alleen de Wet DBA. Ook de afspraken met je opdrachtgever, veiligheid op de werkplek, administratie, verzekeringen en vakcertificaten moeten kloppen. Sommige regels gelden al, andere gaan eind 2026 in en weer andere zijn nog slechts een wetsvoorstel.

In dit overzicht lees je wat op 15 september 2026 vaststaat en welke punten je per opdracht moet controleren. De regels kunnen per situatie verschillen. Zie dit artikel daarom als praktische uitleg, niet als persoonlijk juridisch of fiscaal advies.

Welke zzp-regels gelden in 2026?

De belangrijkste regel is dat het contract moet passen bij de manier waarop je in de praktijk werkt. Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer normaal op arbeidsrelaties. In 2026 kunnen daar ook vergrijpboetes bij komen. Daarnaast gelden voor zelfstandigen in de installatietechniek arbo- en administratieplichten en, afhankelijk van het werk, wettelijke certificeringseisen.

De status in het kort:

Onderwerp Status op 15 september 2026 Belangrijkste datum
Handhaving op schijnzelfstandigheid Geldend Normale handhaving sinds 1 januari 2025; vergrijpboetes mogelijk sinds 1 januari 2026
Rechtsvermoeden bij laag uurtarief Aangenomen, nog niet in werking 31 december 2026
Bestaande modelovereenkomsten Nog bruikbaar onder voorwaarden Uiterlijk tot en met 31 december 2029
Arboregels voor zelfstandigen Geldend Doorlopend, afhankelijk van werk en werksituatie
Fiscale administratie Geldend Basisgegevens meestal 7 jaar bewaren; sommige gegevens 10 jaar
Basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen Wetsvoorstel Ingangsdatum nog niet bekend
Nieuwe koudemiddelcertificering Overgang loopt Persoonssysteem sinds 29 maart 2026; overgang bedrijven gestart op 1 september 2026

Wanneer is een installatiemonteur echt zelfstandig?

Een installatiemonteur is niet automatisch zzp’er door een KVK-inschrijving, btw-nummer of modelovereenkomst. Opdrachtgever en opdrachtnemer moeten samen beoordelen hoe de opdracht werkelijk wordt uitgevoerd. Daarbij tellen alle omstandigheden in samenhang.

De overheid noemt onder meer de aard en duur van het werk, de manier waarop werk en werktijden worden bepaald, de inbedding in de organisatie, de verplichting om het werk persoonlijk te doen, de wijze van belonen, commercieel risico en zichtbaar ondernemerschap. Eén kenmerk geeft dus nooit alleen de doorslag. Ook meerdere opdrachtgevers of een hoog tarief zijn op zichzelf geen garantie.

Voor een opdracht in de installatietechniek zijn dit praktische controlevragen:

  • Is het resultaat of werkpakket duidelijk afgebakend?
  • Kan de zelfstandige binnen veiligheids-, kwaliteits- en planningskaders zelf bepalen hoe het resultaat wordt bereikt?
  • Draagt de zelfstandige reëel risico, bijvoorbeeld bij herstel van fouten of uitval?
  • Zijn tarief, aansprakelijkheid, materiaal, gereedschap en oplevering vooraf duidelijk afgesproken?
  • Werkt de zelfstandige onder eigen naam en kan die zich ook buiten deze opdracht als ondernemer gedragen?
  • Wijkt de dagelijkse praktijk niet langzaam af van de overeenkomst?

Dat laatste is belangrijk bij lange projecten. Beoordeel de samenwerking niet alleen bij de start, maar ook tussentijds en bij een gewijzigde rol.

Zijn veiligheidsinstructies hetzelfde als werkgeversgezag?

Een verplichte veiligheidsinstructie maakt een zelfstandige niet vanzelf werknemer. Op een bouwplaats moeten werkgevers en zelfstandigen samenwerken aan veilig werk en aanwijzingen uit het V&G-plan of van de coördinator opvolgen. De arbeidsrelatie wordt nog steeds beoordeeld aan de hand van alle omstandigheden. Maak daarom onderscheid tussen noodzakelijke veiligheids- en resultaatsafspraken en dagelijkse inhoudelijke aansturing zoals bij een werknemer.

Hoe handhaaft de Belastingdienst in 2026?

De Belastingdienst kan in 2026 bij schijnzelfstandigheid direct correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen loonheffingen opleggen. Sinds 1 januari 2025 worden geen voorafgaande aanwijzingen meer gegeven. Vanaf 1 januari 2026 kunnen ook vergrijpboetes worden opgelegd; die volgen niet automatisch bij iedere correctie. In 2026 worden nog geen verzuimboetes opgelegd.

Bij een gewone correctie gaat de Belastingdienst volgens de actuele uitleg niet verder terug dan 1 januari 2025. Bij kwaadwillendheid of een eerder niet opgevolgde aanwijzing kan de periode langer zijn, tot vijf jaar terug. Voor de zelfstandige kan een herkwalificatie ook gevolgen hebben voor de inkomstenbelasting en eerder toegepaste ondernemersfaciliteiten.

Een bemiddelaar neemt dit risico niet automatisch weg. Ook bij een driepartijenrelatie wordt gekeken naar de manier waarop de zelfstandige feitelijk voor de opdrachtgever werkt.

Mag je in 2026 nog met een modelovereenkomst werken?

De bestaande modelovereenkomsten mogen onder voorwaarden nog tot en met 31 december 2029 worden gebruikt. De Belastingdienst beoordeelt sinds 6 september 2024 geen nieuwe modelovereenkomsten meer.

Een modelovereenkomst geeft alleen zekerheid als de gekozen overeenkomst bij de opdracht past en partijen daadwerkelijk werken zoals daarin is beschreven. Gebruik het document dus niet als los bewijs van zelfstandigheid. Leg ook het concrete resultaat, de verantwoordelijkheden, zelfstandige uitvoering, aansprakelijkheid en evaluatiemomenten vast.

Wat verandert er op 31 december 2026 bij een laag uurtarief?

Vanaf 31 december 2026 kan een werkende die maximaal het dan geldende wettelijke uurtarief ontvangt zich beroepen op een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst. De wet noemt een basisbedrag van 36 euro per uur en schrijft indexatie voor; in overheidscommunicatie is voor peildatum 1 januari 2026 een bedrag van 38 euro genoemd. Controleer vóór toepassing het definitieve geïndexeerde bedrag in de ministeriële regeling.

Dit is geen algemeen minimumtarief voor zzp’ers en ook geen automatische omzetting naar loondienst. Het is een civielrechtelijk bewijsvermoeden. Doet een werkende er een beroep op, dan moet de werkgevende aantonen dat geen arbeidsovereenkomst bestaat. Ook boven de tariefgrens kan nog steeds sprake zijn van een arbeidsovereenkomst als de feiten daarop wijzen.

Het eerder voorgestelde VBAR-beoordelingskader is niet ingevoerd. Het verduidelijkingsdeel is in 2026 uit het wetsvoorstel geschrapt. Beoordeel opdrachten daarom op basis van het bestaande arbeidsrechtelijke kader en de feitelijke uitvoering.

Welke veiligheidsregels gelden voor zzp’ers op de bouwplaats?

Zelfstandigen moeten zich bij gevaarlijk werk aan arboregels houden en zijn in beginsel zelf verantwoordelijk voor veilig werken. Werken zelfstandigen en werknemers op dezelfde locatie, dan gelden voor de relevante arbeidsrisico’s dezelfde beschermingsregels. De Nederlandse Arbeidsinspectie kan ook tegen een zelfstandige optreden.

Op een bouwplaats hebben meerdere partijen een rol. De opdrachtgever moet al in de ontwerp- en voorbereidingsfase rekening houden met veilig en gezond werken. Werken twee of meer werkgevers en/of zelfstandigen op de bouwplaats, dan is coördinatie nodig. De zelfstandige moet gereedschap in goede staat houden, passende arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken en afspraken uit het V&G-plan en aanwijzingen van de coördinator opvolgen.

Leg vóór de start ten minste vast:

  • wie de werkplekrisico’s en projectspecifieke veiligheidsinformatie deelt;
  • welke instructie, toegangseisen en persoonlijke beschermingsmiddelen gelden;
  • wie arbeidsmiddelen ter beschikking stelt en controleert;
  • wie bevoegd is om werkzaamheden stil te leggen;
  • hoe incidenten, bijna-ongevallen en wijzigingen worden gemeld;
  • welke vakbekwaamheid of certificaten voor het concrete werk nodig zijn.

Welke administratie moet een zzp’er bijhouden?

Een ondernemer moet een controleerbare administratie bijhouden en correcte facturen bewaren. De basisadministratie moet meestal zeven jaar worden bewaard. Voor gegevens over onroerende zaken kan een termijn van tien jaar gelden.

Op een gewone btw-factuur horen onder meer de namen en adressen van leverancier en afnemer, het btw-identificatienummer, een uniek opeenvolgend factuurnummer, factuur- en prestatiedatum, omschrijving en omvang van de dienst, vergoeding en btw-gegevens. Bij selfbilling blijft de leverancier verantwoordelijk voor de juistheid van de factuur.

Bij fysieke werkzaamheden aan onroerende zaken in onderaanneming kan de btw-verleggingsregeling gelden. De onderaannemer brengt dan geen btw in rekening, vermeldt btw verlegd en neemt het btw-identificatienummer van de afnemer op. Omdat de precieze rol en prestatie bepalend zijn, moet per opdracht worden gecontroleerd of verlegging terecht is.

Bewaar naast facturen ook de opdrachtovereenkomst, opdrachtomschrijving, uren- of voortgangsregistratie, oplevering, correspondentie over wijzigingen, verzekeringsbewijzen en relevante certificaten. Die stukken vervangen de beoordeling van de arbeidsrelatie niet, maar maken wel zichtbaar welke afspraken zijn gemaakt en uitgevoerd.

Welke verzekeringen zijn verplicht voor zzp’ers?

Voor zzp’ers zijn de meeste bedrijfsverzekeringen niet wettelijk verplicht. Wie in Nederland woont of werkt, moet wel een basiszorgverzekering hebben. Voor een bedrijfsauto is een WA-verzekering verplicht. Een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering of arbeidsongeschiktheidsverzekering is op 15 september 2026 niet algemeen wettelijk verplicht, maar een opdrachtgever kan een aansprakelijkheidsverzekering wel als contractvoorwaarde stellen.

Dat iets niet verplicht is, betekent niet dat het risico klein is. Installatiewerk kan leiden tot letsel, materiële schade, herstelkosten of langdurig inkomensverlies. Controleer daarom of werkzaamheden, omzet, hulpmiddelen en eventuele onderaanneming binnen de dekking vallen. Een particuliere aansprakelijkheidsverzekering dekt zakelijke schade niet.

De Wet basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen ligt bij de Tweede Kamer. Dit is nog een wetsvoorstel en er is nog geen ingangsdatum.

Lees ook: Wet DBA in 18 vragen

Welke vakcertificaten zijn wettelijk verplicht?

Dat hangt af van het soort installatie en de werkzaamheden. Een VCA-certificaat is vaak een toegangs- of contracteis, bijvoorbeeld bij werk voor een VCA-gecertificeerd bedrijf, maar geldt niet automatisch voor ieder installatieproject. Andere certificering is wel rechtstreeks aan specifieke werkzaamheden gekoppeld.

Zo mogen werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties die onder het CO-stelsel vallen alleen door een gecertificeerd installatiebedrijf worden uitgevoerd. Voor werkzaamheden aan koel-, klimaatregelings- en warmtepompapparatuur met F-gassen of bepaalde alternatieve koudemiddelen gelden persoons- en bedrijfscertificeringseisen.

Voor koudemiddelwerk is het systeem in 2026 gewijzigd. Sinds 29 maart 2026 worden nieuwe persoonscertificaten volgens BRL 200 versie 2.0 afgegeven. Op 1 september 2026 is voor bedrijven de overgang naar BRL 100 versie 3.0 gestart. Bestaande certificaten kennen overgangstermijnen. Controleer daarom vóór plaatsing niet alleen of iemand “een F-gassencertificaat” heeft, maar ook de categorie, scope, geldigheid en vereiste bedrijfscertificering voor het concrete werk.

Wat regel je vóór de volgende opdracht?

Een goede start bestaat uit meer dan een ondertekend contract. Loop vóór iedere nieuwe opdracht deze zeven punten langs:

  1. Beoordeel de arbeidsrelatie samen. Kijk naar de hele opdracht en de feitelijke uitvoering, niet naar één kenmerk.
  2. Omschrijf het resultaat en de rol. Leg afbakening, planning, oplevering, aansprakelijkheid en zelfstandige beslisruimte vast.
  3. Controleer de werkplek. Spreek veiligheidsinformatie, coördinatie, arbeidsmiddelen, PBM’s en meldroutes af.
  4. Controleer vakbekwaamheid. Match werkzaamheden met geldige persoons- en bedrijfscertificaten.
  5. Controleer administratie en btw. Bepaal wie factureert, welke gegevens nodig zijn en of btw moet worden verlegd.
  6. Controleer verzekeringen. Kijk niet alleen naar een polisblad, maar ook naar dekking voor het concrete werk.
  7. Plan een herbeoordeling. Controleer opnieuw als duur, werkzaamheden, aansturing of projectorganisatie verandert.

Ook opdrachtgevers hebben hierin een actieve rol. Een zelfstandige kan veilig en vakbekwaam werken en toch arbeidsrechtelijk verkeerd zijn ingezet. Andersom maakt ruimte voor zelfstandige uitvoering de veiligheidsverantwoordelijkheden op de bouwplaats niet minder belangrijk.

Vind een opdracht die past bij jouw vak en zelfstandige werkwijze

Wil je als zelfstandige loodgieter, elektromonteur, HVAC- of koelmonteur een volgende opdracht vergelijken? Bekijk de actuele zzp-opdrachten in de installatietechniek en bespreek vóór de start de werkzaamheden, verantwoordelijkheden, documenten en vereiste certificaten.

Michel van Dijk

Michel van Dijk

Redacteur
Laatst bijgewerkt datum: 15 september 2026

Ook interessant!

Lees meer blogs uit deze categorie(ën).

Personeelstekort installatietechniek 2026: wat nu?

6 min26 augustus 2026

Nieuwe regels in de installatietechniek in 2026 en 2027: dit moet je weten

7 min7 augustus 2026

Wet meer zekerheid flexwerkers: wat verandert er voor uitzendkrachten?

4 min4 augustus 2026